Ode aan ons Pap, Toon van der Zanden

Vrijdag 09 februari 2018


Trots
Vandaag had ons pap op zijn geboortedag, in leven en welzijn, 96 kaarsjes uit moeten blazen. In 1999 is hij echter op 77-jarige leeftijd overleden. Veel te vroeg. 9 februari wil ik niet zomaar voorbij laten gaan en wijd ik daarom mijn blog deze keer aan mijn vader, ons pap. Zeg nou eerlijk, wat is er nou mooier dan vertellen over je vader, je herinneringen aan hem ophalen. En dan zeggen dat je trots op hem bent, want ja, dat ben ik.

Nog even d’n hof in
Vroeger, ver vóór mijn tijd, werkte hij samen met zijn vader, mijn opa. Zomers de daken van de boerderijen op om die te rietdekken en ’s winters bij diezelfde boeren de varkens slachten.

Ik herinner ons pap als een harde werker. Als hij op zijn Solex eind van de middag, afgewerkt bij bouwbedrijf ‘Van Grunsven’, thuis kwam verkleedde hij zich snel, om buiten nog te klussen. Ons mam was dan doende met het avondeten. Het liefst zat ie in d’n hof, de grote moestuin, waar hij zich helemaal kon uitleven. Was het eten bijna klaar, liep ons mam naar de achterbouw, om daar staande in de buitendeur, hard  te roepen: “Toon, het eten is klaar. Kom je?!” Even later stonden dan zijn klompen buiten op de stoep en waste hij bij de gootsteen zijn gezicht en handen. Terwijl mam het eten op tafel zette ging ieder op zijn eigen plek zitten, met pap aan het hoofd. Dat zijn voor mij mooie momenten, met z’n zessen, samen met pap-mam-zus-broers, aan tafel, grappen maken, lachen, lekker eten.

Ons pap en ik als kleine meid, SAMEN
Als ik terugdenk aan ons pap, aan de tijd dat ik een kleine meid was, zie ik ons samen genieten van de witte bonensoep waarin oren en staarten van varkens zaten. Niemand anders van ons gezin lustte dat, alleen wij tweetjes. Zo ook de kippenmaagjes en het afkluiven van botjes. Heerlijk.

Samen in de moestuin werken waarvan ik altijd een paar meter voor mezelf kreeg. Ik herinner me nog het jaar dat ik sierkalebassen had gekweekt, waar ik heel trots op was. In datzelfde jaar werd in ons hele huis centrale verwarming aangelegd. Mijn kalebasjes verdwenen op dat moment, in een tas, in de kledingkast van mijn ouders. Helaas overleefden zij dit niet. Toen ze na meer dan een maand weer tevoorschijn kwamen was het een grote smurrie. Drama!

Samen op de fiets naar de kerk, eerst als klein kind voor op de stang, en wat later achterop. Mij leerde mij ook fietsen, op het rode doortrapfietsje.

Samen op zijn Solex naar het ziekenhuis in Oss waar ons mam lag. In het donker reden we daarna in de avond terug naar huis. We kwamen net het bos uit, en reden op de Lage Baan, toen er plots een losgebroken pony de weg overstak, waar wij vol op botsten. Samen vlogen we door de lucht en kwamen in de berm terecht. In het licht van een naderende auto zag ik paps bebloede gezicht. Gelukkig kregen we snel hulp en werden we thuis gebracht. De opgetrommelde huisarts verzorgde de wonden van ons pap en zette mijn arm weer terug in de kom.

Allen herinneringen uit de jaren zestig.

Altijd helpen
Uit de jaren 80 en 90 herinner ik me, intussen getrouwd met Theo, vooral een vader die me overal bij wilde helpen. Voor ons eerste restaurant, Le Hibou, een grote kist peultjes schoonmaken. Bij ons tweede, ’t Wichlant, meehelpen met de verbouwing. Daar stond buiten een tuinhuisje dat een nieuw dak nodig had, het vak rietdekken was hij niet verleerd! In diezelfde tuin moest een boom om, dat zou ons pap wel regelen, in no time zat hij er boven in, nergens bang voor! En altijd in stofjas mèt stropdas. Daar kon je hem in uittekenen.

Toen ik een grote moestuin bij ons derde en huidige restaurant wilde aanleggen gaf hij mij daarbij veel advies. Zoveel boontjes in één kuiltje, niet te dik zaaien, de grond niet te nat maken, etc. etc.

Allemaal dierbare herinneringen aan ons pap.

Zijn DNA
Maar gelukkig hebben mijn zus, broers en ik allemaal wel iets van ons pap geërfd. De een zijn, soms té, grote bezorgdheid. De ander weer zijn uiterlijk, of het fronsen van de wenkbrauwen. Ik herken zelfs in ons allen ‘het tegensputteren’, iets wat ons pap in zijn latere jaren zo goed kon, maar daarna ook net als hij gewoon doen wat er aan ons gevraagd wordt. Zijn liefde voor de moestuin. Het rondtoeren in de auto. Zijn lachje… Mooi is dat! Zo blijft hij voor altijd in ons voort leven.

Hij wordt gelukkig nog heel vaak aangehaald. Zeker door ons nu 91 jarige mam. “Ons Toon dit en ons Toon dat… “, machtige verhalen waar wij graag naar luisteren.

Veilig achter op
Als ik aan ons pap denk met een lied is dat voor mij:  ‘Veilig achterop bij vader op de fiets’ van Paul van Vliet. Te beluisteren door op deze link te klikken;   https://youtu.be/eRfFy_JIYkE

Het was vader, moet je weten…
Met een gedicht denk ik meteen aan deze, getiteld: ‘Ik heb een man gekend’.

Ik heb een man gekend, o wat was hij sterk.
Altijd was hij bezig, altijd aan het werk.

Hij zette zich altijd in, met liefde en plezier.
En wat er ook gebeurde, zijn gezin ging altijd voor.

Ik heb een man gekend, die vol vuur en liefde zat.
En ondanks al zijn zorgen, ons nooit vergat.

Zijn vrouw en kinderen waren zijn leven.
En al stond hij soms alleen, of was het soms wel moeilijk.
Hij sloeg zich er wel doorheen.

Ik heb een man gekend, die klaar stond voor een ander.
Die ook dikwijls zei, wees toch goed voor elkander.

Ik heb een man gekend, die ik nooit zal vergeten.
Hoe dat dan toch wel kan, het was vader moet je weten.

Fijn weekend
Ik wens jullie allen mooie herinneringen, blijf ze vasthouden en delen…
Lieve groet, Anneliese