Twee zussen...

Dinsdag 24 juli 2018


Emigreren
65 jaar geleden namen ze voor het eerst afscheid van elkaar, de zussen, de één 24 jaar oud en net getrouwd, de ander 27 en net moeder geworden. Beiden vol emoties, vol van het idee dat ze elkaar nooit meer zouden terugzien. Want wie met die grote boot de oceaan overstak, naar Canada emigreerde, die was voor altijd weg. Zo dachten ze toen.

Dag zus…
Het verdriet was groot. De tranen vloeiden veelvuldig.
“Dag Dora, pas goed op hè,” zegt Betsy met een trillende lip en een snik in haar stem.
“Natuurlijk, komt goed”, klinkt het krampachtig uit Dora’s mond.
Ze pakken elkaar een beetje onwennig beet, niet gewend om elkaar hun gevoelens te tonen.
Met hun gezichten een beetje afgewend, elkaar niet willen laten zien hoe de tranen over hun wangen lopen, pakken ze beiden een zakdoek om even flink te snotteren. We schrijven 1953.

Op bezoek
In de jaren erna hebben ze elkaar gelukkig regelmatig kunnen zien. Vooral de laatste jaren. In het begin was het namelijk flink aanpoten, een totaal nieuw leven opbouwen. Toen het echter met de zus en haar man in dat verre Canada steeds beter ging, konden ze met het vliegtuig overkomen naar Nederland. Wat een blijdschap bij de herenigingen!

65 jaar later
Nu in 2018, de één 89 jaar oud en de ander bijna 92, zien ze elkaar weer.
De één nog best vief, de ander ziek. Beiden wetend dat dit waarschijnlijk de laatste keer is dat ze elkaar in de ogen kunnen kijken. Twee hele weken hebben ze samen opgetrokken. ’s Morgens samen aan het ontbijt, kletsend over toen, over de familie, over hun jeugd. Alle fotoboeken zijn weer bekeken, alle foto’s zijn weer ontleed.
Dan is daar het afscheid, de taxi staat voor, de koffers worden door de chauffeur opgepakt. Voor de laatste keer geven ze elkaar een dikke zoen. Ze hebben gezegd wat er gezegd moest worden.

De geschiedenis herhaalt zich
En dan scheiden hun wegen wéér.
“Dag Dora, pas je goed op?” zegt Betsy met een trillende lip en een snik in haar stem.
“Natuurlijk, komt goed,” klinkt het krampachtig uit Dora’s mond.

Even later rijdt de auto de straat uit, op weg naar Schiphol, waar de reis verder gaat, naar het verre Canada.

Betsy trekt de voordeur achter zich dicht. Een voorzichtige glimlach breekt door op haar gezicht als ze terugdenkt aan Dora die, voordat ze de auto instapte, haar met de volgende woorden had toegeroepen: “Ik bel je als ik thuis ben!”
Ze kijkt nu al reikhalzend uit naar de volgende dag…

Lieve groet,
Anneliese